De opbouw - enkele algemeenheden over het maken van de baan


Alle huizen zijn van karton en papier

  • Hier werd een systeem toegepast dat al uitvoerig is gebruikt in onze club, MSC Pacific.
  • De huizen worden uitgetekend op computer. Via de site van Scalescenes heb ik een PDF gekocht die een baksteentjespatroon bevat. Door dit af te drukken op zelfklevend papier bekom ik op een eenvoudige wijze al een basis om op verder te werken. Het papier gaat een tweede maal door de printer om er het uitgekende huis bovenop te printen.
  • De afgeprinte 'stickers' worden op wit karton van 0,7mm gekleefd en uitgesneden volgens de computertekening.
    Huizen zonder baksteenpatroon (geschilderd gevel of gecementeerd) worden gemaakt uit tekenpapier dat wordt beschilderd met aquarelverf. Als het goed droog is, kan je ook hierop je computertekening afdrukken
  • Een huis wordt opgebouwd in verschillende lagen.
    • 1 laag met alle uitstekende gedeeltes van de gevel, zoals verstevingsribben.
    • 1 laag met de raam- en deuropeningen.
    • 1 laag aquarel- of tekenpapier van zo'n 180gr. voor de ramen en deuren zelf.
    • 1 laag doorzichtige plastiek (van bijvoorbeeld verpakkingsmateriaal) als glas voor de ramen.
  • Als alle lagen zijn uitgewerkt wordt alles op mekaar gekleefd met dubbelzijdige plakband.
    • Door met droge bevestigingsmaterialen te werken is kliederwerk met lijm uitgesloten.
    • De dubbelzijdige plakband neemt geen water op waardoor hij zorgt voor een stevige opbouw die tegen een stootje en uiteraard vocht kan.
  • Ook de daken worden gemaakt uit papier.
    • Start met een blad tekenpapier van 180gr. en schilder dit in een basiskleur (bijvoorbeeld baksteenkleurig rood)
    • Laat goed drogen.
    • Neem een plaatje baksteenpatroon van bijvoorbeeld Vollmer, Faller of Kibri en leg het papier met de beschilderde kant op het plaatje.
    • Met een breinaald druk je nu de vorm van de dakpannen in het papier. Zorg dat het papier goed valt hangt.
      Anders verschuift het patroon.
    • Op deze manier kan je, door het plaatje telkens te verschuiven, daken maken van tientallen centimeters zonder enige naad en aan een fractie van het geld.

Trammetjes uit plasticard.

  • Alle trams en wagons zijn zelfbouw.
  • Er werd gestart van onderstelletjes in Z-schaal van Marklin Miniclub
    • De autorails werden gebouwd op het chassis van een Schienenbus. Dit werd ingekort en voor- en achteraan versmald.
    • De Standaard-tram wordt gebouwd op het onderstel van een BR216. Hier werd aan het onderstel niets veranderd.
  • Doordat de kastjes groter zijn dan een Z-schaal loc krijg je ook extra plaats. Dit kan gebruikt worden voor lood om de trams te verzwaren en om een decoder in te bouwen.
  • De kastjes zijn gebouwd in doorzichtig plasticard van 0,5mm.
    • Ik verklein de plannen die ik heb met de computer tot dat ze even groot zijn als een model op schaal N. Als er afmetingen bij staan kan je hier op verder gaan.
    • Druk de plannen gespiegeld af op zelfklevend papier en kleef dit op de achterkant van je plasticard.
      Je spiegelt de tekening zodat ze op de achterkant van het model komen. Als je dan met een breekmes uitsnijdt staan de opstaande kantjes van de snijlijnen aan de binnenzijde.
      Snij uit en verwijder opnieuw de stickers. Je hebt nu zonder veel tekenwerk een mooi uitgesneden model.
    • Snij de ramen uit het zelfklevend papier en kleef deze op hun plaats.
    • Schilder het model en verwijder de stickers voor de ramen. Zo blijven de doorzichtig.
    • De ronding van het dak is gemaakt uit Milliput. Dit synthetisch tweecomponenten-materiaal is verkrijgbaar in de betere modelbouwzaak. Eenmaal uitgedroogd is het steenhard en kan het uitvoerig bewerkt worden.
    • Verder kan je je modellen afwerken met zowat alles wat je tegen komt. Tandenstokers, ijzer- en koperdraad, karton, enz...
    • Het schilderwerk gebeurt met de verven van Jocadis. Deze fabriceert kleine potjes lakverf in de correcte kleuren voor zowel de NMBS als de buurtspoorwegen.


Waarom digitaal rijden?

  • Dit vereenvoudigt drastisch het elektrische gedeelte van de baan. 2 draden van de centrale naar de sporen en voila! De baan is voorzien om digitaal te rijden. Nu nog een decoder is de verschillende trams en je bent vertrokken. Ik laat het nodig simpel lijken omdat het eigenlijk zo is. Soms vraagt het nogal wat denkwerk bij het plaatsen van de decoders in de locs maar op het internet vind je heel wat leerrijke info.


terug verder

home